Boekennieuws.

Nieuws, reportages en achtergronden uit de wereld van het boek

achtergrond

Hoe creatief ondernemerschap tot schrijfsucces kan leiden

Door Pim Wiersinga

Publiceren is altijd al een hordenloop geweest. Dat was in de tijd dat je nog ‘hordeloop’ moest schrijven niet anders. Misschien wel overzichtelijker. De schrijver schreef, de uitgever gaf uit, de boekhandel verkocht en de krant recenseerde. En verder was het in handen van het toeval. Er werden wat beschaafde advertenties in dito dag- of weekblad afgedrukt, en daarmee was de cyclus doorlopen. Nu gaat het anders – zoals blijkt uit de publicatie van verdronken Verleden.

 Het allermoeilijkste was debuteren. Destijds tenminste. Drie dingen waren onmisbaar: uithoudingsvermogen, talent en geluk. Het uithoudingsvermogen kwam te pas de eenzame worsteling en het bestrijden van je demonen – wie denk ik wel dat ik ben? Zonder talent kon je daar niet naar eer en geweten op antwoorden: schrijver. Je had hoe dan ook een zware dobber aan het geweten, want volgens maatstaven die tot een jaar of twintig geleden golden was je pas schrijver als je de vuurdoop met goed gevolg had ondergaan: uitkomen bij een echte uitgeverij.

En je had bovendien een dosis geluk nodig: het geluk dat je zou worden opgemerkt in wat ook toen al de ‘slushpile’ heette: de stapel ongevraagd binnengekomen manuscripten.

Debuteren had tot twintig jaar geleden veel weg van de keizerlijke examens in het oude China. Je had examens op provinciaal niveau – te vergelijken met opgenomen worden in een literair tijdschrift – en het landelijke, allerzwaarste examen. Je had in het keizerlijke China heren van gegoede komaf die jaar na jaar voor dit keizerlijke examen opgingen en opnieuw zakten, hele familiefortuinen gingen er doorheen. Het vergt dan ook uithoudingsvermogen en talent om in een koud hok waarin je je al dagen zit te verbijten een ‘achtbenig essay’ met fijnzinnige literaire en filosofische toespelingen te produceren. Maar als je slaagde kon de weg naar ambtelijke roem bewandeld worden.

Het debuut was de allergrootste mijlpaal. Daarna was het een kwestie van moed bewaren en niveau houden.

 

Van weeromstuit nobel

Een eeuw geleden zakte het Chinese examensysteem in elkaar. Er braken roerige tijden aan, waarvan de afloop onvoorspelbaar was. Hetzelfde geldt voor de boekenmarkt: de herderheid van twintig jaar geleden is weg. Nog steeds wordt gepubliceerd worden bij een uitgeverij door aanstormende schrijvers gezien als een begerenswaardig goed, is het niet meer de enige echte maatstaf voor schrijversschap. Je kunt je schrijver noemen als je een blogger bent met wat volgelingen, of als je zelf opdracht verstrekt om je bundel of je roman het licht te doen zien – POD, voor ingewijden, hetgeen een afkorting is voor Printing On Demand, uitgeven in eigen beheer.

Je toevlucht zoeken tot POD gold tot voor kort als wanhoopsdaad – zeker in de ogen van hen die meenden dat ‘het ware talent vanzelf komt bovendrijven’. Nu, dat kon je een kwart eeuw geleden misschien met enig recht zeggen, maar nu niet meer. Talloos zijn de berichten over kwalitatief hoogwaardig werk dat wegens sombere verkoopvooruitzichten nu juist niet ‘komt bovendrijven’. Uitgeverijen geven zelf openlijk toe dat de vork zo in de steel zit. Prachtig, maar we krijgen het niet weggezet.

Hoeveel...

Ik kom nu in de verleiding om een klaagzang aan te heffen over schrijvers die alleen maar kloeke romans willen schrijven en volstrekt geen zintuig hebben voor het ondernemerschap

duizenden van die mailtjes zijn er de afgelopen jaren niet onder dankzegging verstuurd! Het is niet alleen in Nederland zo. Een Australische auteur met wie ik correspondeer moest ervaren dat haar debuut bij Penguin op het laatste moment om soortgelijke redenen werd afgeblazen. En naarmate uitgeverijen meer boeken weigeren die ze goed maar onverkoopbaar vinden, en het openlijk toegeven, wordt uitgeven in eigen beheer van weeromstuit nobel. Ja: hier zijn mensen bezig die er alles voor over hebben! En er zitten schrijvers tussen die vroeger bij echte uitgever zaten!

 

Alleen op thema

Zo iemand is bijvoorbeeld de jeugdboekenschrijfster Marianne Miltenburg. In 2001 verscheen van haar hand De vloek van Kiekeberend bij Clavis. Ze is als freelance redacteur werkzaam bij uitgeverijen – kortom, ingevoerd in het wereldje. Maar noch haar connecties, noch haar als uitstekend beoordeelde stijl of het feit dat ze gepubliceerd heeft konden verhoeden dat ze bleken voldoende garantie voor een tweede publicatie. Wat was er aan de hand?

Verdronken Verleden is een jeugdboek voor elf jaar en ouder. Over een een teruggetrokken puber die gepest wordt, op vakantie op afstand verliefd raakt – op een meisje van school – en vervolgens, nadat zij de mals niet meer beantwoordt, in geheimzinige toestanden verzeild raakt: kortom, ik zou het wel weten als ik dertien was –hebben dat boek! Maar er komen veenlijken in voor en veenlijken zijn, vinden uitgevers, commercieel niet verantwoord.

Mij doet dit denken aan de rel rond de Gebroeders Leeuwenhart (Astrid Lindgren) van veertig jaar geleden, omdat velen suicide niet vonden kunnen in een kinderboek. Weliswaar zou de grande dame van de Zweedse jeugdliteratuur nooit last krijgen van afwijzingen, maar de teneur is in beide gevallen dat een boek alleen op thema wordt beoordeeld en niet op kwaliteit.

 

Succesverhaal

Met Verdronken Verleden lijkt het goed af te lopen. In een zonnig getoonzet persbericht laat Marianne Miltenburg weten dat ze het boek zo de moeite waard vond dat ze tot een uitgave in eigen beheer heeft besloten. En als klap op de vuurpijl heeft het thema van de veenlijken juist de deuren geopend bij diverse musea in Drenthe. Het drukbezochte Drents Museum in Assen heeft een hoeveelheid boeken aangekocht, en het Veenmuseum in Barger Compascuum. Miltenburg: “Daar zaten ze juist te wachten op een jeugdroman als het mijne! Juist om het fenomeen veenlijken onder de aandacht van de jeugd te brengen.”

Een succesverhaal dus – dat ook iets onthult over de positie waarin de schrijver anno nu zich geplaatst weet. Miltenburgs wederwaardigheden volgen het scenario van de auteur die als een creatief ondernemerde  spullen aan de man moet brengen; daaruit komen weer onverwachte synergieen voort, bijvoorbeeld met musea.

Ik kom nu in de verleiding om een klaagzang aan te heffen over schrijvers die alleen maar kloeke romans willen schrijven en volstrekt geen zintuig hebben voor het ondernemerschap, maar dat lijkt me onhoffelijk jegens Miltenburg; het enige wat ik hoop is dat ze een goede pers krijgt. Waarmee ik zowel gunstige besprekingen bedoel als recensies die ingaan op de inhoudelijke merites van Verdronken Verleden, desnoods kritisch.

Geschreven door Pim Wiersinga op 14-04-2013.