Boekennieuws.

Nieuws, reportages en achtergronden uit de wereld van het boek

actueel

Maxim Februari zomergast

Toen ik, schrijfster van Boekennieuws en kind van laagopgeleide ouders, op latere leeftijd de betere kranten ging lezen, opende columnist Maxim Februari voor mij een venster op de wereld. Onlangs sprak ik hem op een congres. Tot mijn verrassing deelden wij onze afkomst. Ik zal deze zomer dus zeker kijken naar het tv-programma Zomergasten van de VPRO, waar hij de vierde gast zal zijn.

Februari is sinds 1999 columnist, eerst bij de Volkskrant, vanaf 2010 bij NRC. Vorig jaar won hij de J.L. Heldringprijs voor de beste journalistieke columnist van 2018. Uit het juryrapport: ‘Maxim Februari bespreekt de grote thema’s van deze tijd en altijd met concrete voorbeelden. Hij is een origineel schrijver en denker en een geweldig stilist, met niet zelden een fijnzinnig gevoel voor humor. Hij maakt nieuwsgierig, zet aan tot denken en is kritisch op een zeer unieke manier.’

In zijn columns schrijft hij vaak over de claims van bedrijven en overheden dat het gebruik van data leidt tot een volmaakte samenleving.

Februari is daarnaast een succesvol romanschrijver. Hij debuteerde in 1989 met de roman De zonen van het uitzicht waarvoor hij in 1990 de Multatuliprijs ontving. In 2007 publiceerde hij de roman De Literaire Kring, waarmee hij de Annie Romein-Verschoorprijs won. In 2008 ontving Februari de Frans Kellendonkprijs voor zijn gehele oeuvre. In 2017 verscheen Klont dat gaat over de ‘dataficering’ van het leven en de voorliefde van het publiek voor onbetrouwbare sprekers. 

Over Zomergasten: ‘Een gesprek aangaan via beeld vind ik erg verleidelijk. Als je schrijft heb je het voordeel van de precisie: je kunt lang nadenken en zorgen dat je niets stoms zegt. Maar je hebt ook het nadeel van de indirectheid. Beeld gaat sneller. Je kunt echte mensen en echte situaties opvoeren, zonder daarbij zelf in de weg te zitten. Nou zit ik als Zomergast natuurlijk opnieuw vreselijk in de weg – maar ik zal proberen voorrang te geven aan de zintuiglijke ervaringen van het kijken. En er niet te veel stoms tussendoor te zeggen.’

Geschreven door Johanna Kraakman op 08-07-2019.