Boekennieuws.

Nieuws, reportages en achtergronden uit de wereld van het boek

archief

Biografie van de ideale missionaris

“…dat hij (Christus) is verschenen aan Kefas en vervolgens aan de twaalf leerlingen. Daarna is hij verschenen aan meer dan vijfhonderd broeders en zusters tegelijk, van wie er enkelen gestorven zijn, maar de meesten nu nog leven. Vervolgens is hij aan Jakobus verschenen en daarna aan alle apostelen. Pas op het laatst is hij ook aan mij verschenen, aan het misbaksel dat ik was. (…) ik heb harder gezwoegd dan alle andere apostelen, niet op eigen kracht maar dankzij Gods genade. Hoe dan ook, of zij het nu zijn of ik, wij verkondigen allemaal dezelfde boodschap, en door die boodschap bent u tot geloof gekomen.” (1 Korintiërs 15.5-10) Dit schreef Paulus aan de gemeente in Korinte. ‘De ideale missionaris’ zegt Fik Meijer in zijn inleiding, in de ogen van zijn vader, voor wie de apostel Paulus een inspiratiebron was. Wij, lezers, mogen ons gelukkig prijzen dat bij de zoon Fik al heel jong door zijn vader interesse is gewekt voor deze bijzondere verkondiger van Gods woord, en nog meer gelukkig dat hij zelf op onderzoek is uitgegaan, dat hij zoals een goed historicus betaamt, alle mogelijke bronnen bestudeerd heeft, dat hij Paulus achterna gereisd is, kortom dat hij jaren doorgebracht heeft met Paulus. Het meest gelukkig dat Fik Meijer een buitengewoon getalenteerd schrijver is. Of hij er nu voor kiest te schrijven over machthebbers (Keizers sterven niet in bed) of volksvermaak (Gladiatoren) of de oudste held van Frankrijk (Vercingetorix) – nota bene: en over nog veel meer onderwerpen! – elk boek van zijn hand is een succes te noemen. In Paulus. Een leven tussen Jeruzalem en Rome beschrijft Fik Meijer in heldere en tegelijk verzorgde taal wat voor iemand de apostel Paulus geweest moet zijn, wat de problemen zijn geweest waarvoor hij zich gesteld zag, welke ambities hij had, welke teleurstellingen hij moest verwerken en welke successen hij behaalde. Waar van toepassing brengt hij Paulus’ uitspraken in de brieven en Handelingen van de apostelen ter sprake. Terecht attendeert Meijer ons hier op het feit dat Lucas (de vermeende auteur van Handelingen der apostelen) niet alleen een groot bewonderaar van Paulus was, maar ook een kind van zijn tijd. Dat wil zeggen dat hij net zoals de geschiedschrijvers van zijn tijd wist hoe zijn personage te verheerlijken. Bij de beschrijving van de zogenaamde schipbreuk bijvoorbeeld wordt door Lucas geen literair middel geschuwd om van Paulus ‘man Gods’ te maken, terwijl, zo beargumenteert Fik Meijer, de schipper en zijn bemanning tot op het laatste moment gedaan hebben wat zij konden en moesten doen in die extreme omstandigheden. Eveneens in de inleiding spreekt hij de hoop uit dat zijn vader hem zal vergeven dat de door hem geschetste Paulus in veel opzichten niet voldoet aan het ideaalbeeld dat zijn vader van Paulus had. Wat mij aangaat: deze Paulus, deze man van vlees en bloed, de Paulus van Fik Meijer, is mij vele malen dierbaarder! Wat het boek bovendien ook nog interessant maakt, zijn de uitweidingen. Fik Meijer  schrijft in zijn inleiding dat hij zich telkens afvraagt ‘in hoeverre de geschiedenis en de samenstelling van de bevolking van een bepaalde stad een rol gespeeld hebben  in het doen en laten van Paulus tijdens zijn lange zendingsreizen’. Concludeert hij dat dat het geval is, dan geeft hij de relevante details, waardoor je als lezer een aardig beeld krijgt van de klassieke oudheid.    Ik geef een paar voorbeelden: wanneer Paulus en Barnabas op hun eerste zendingsreis aan boord van een schip gaan, is dat aanleiding voor Fik Meijer om te vertellen over het navigium Isidis, het scheepsfeest voor de godin Isis, waarmee in de oudheid het vaarseizoen op plechtige wijze geopend werd. De oude stad Citium wordt aangedaan: we lezen onder andere dat Citium in de dertiende eeuw v. Chr. door kolonisten uit Mycene gesticht is en dat de stad onder de Egyptische Ptolemeeën een grote naam op cultureel gebied verwierf, mede te danken aan de wijsgeer Zeno, die daar was geboren. Hierop volgt weer een klein uitstapje met betrekking tot Zeno. Paulus en Barnabas trekken verder over land naar de westkust van het eiland - steeds maakt Fik Meijer met zijn enorme kennis van de oudheid aannemelijk welke route zij genomen zullen hebben, over land of over zee, hoe over land of hoe over zee - en komen aan in de stad Pafos. Ook hier weer een niet onbelangrijke uitweiding. Wanneer de tempel van Afrodite ter sprake komt, volgt er de ogenschijnlijk overbodige opmerking dat ‘zij op dit eiland uit het schuim van de zee is geboren’.  Behalve dat dit gewoon leuk is om te weten, is zo’n opmerking helemaal niet irrelevant, want elders heeft Fik Meijer al laten zien dat Paulus’ zendingswerk gericht was op een divers publiek: hij wilde joden bekeren maar ook niet-joden; en niet-joden op Cyprus zullen zeker ‘hun’ godin aanbeden hebben. Ik heb genoten van deze uitweidingen, omdat ze nergens gepresenteerd werden als een opsomming van dorre feiten. Hoe interessant ook, uitweidingen zorgen wel voor ‘vertraging’, ja zelfs voor ontregeling: meerdere keren zag ik me genoodzaakt terug te bladeren op zoek naar Paulus. Ik had graag gezien dat de uitweidingen in een ander lettertype gezet waren net zoals bij de citaten.  Uitvoerig aan de orde komen het vraagstuk van de besnijdenis, de verschillen tussen joodse en niet-joodse christenen, de meningsverschillen tussen Petrus en Paulus, de compromissen die gesloten worden en het vaak weinig diplomatieke, eigenzinnige optreden van Paulus. Naast de meer dan driehonderd boeiende pagina’s treffen we verder aan een bibliografie, noten en register van teksten. Het boek wordt ‘af’ gemaakt door de verhelderende kaarten en fraaie foto’s. Dit boek waarin kerstening een belangrijke rol speelt, verdient een plaatsje onder elke kerstboom!
Geschreven door Angele van Baalen op 2012-12-21 21:20:18.