Boekennieuws.

Nieuws, reportages en achtergronden uit de wereld van het boek

archief

Duivelskind

Ik ben nooit een groot fan geweest van Ira Levin. Dat neemt niet weg dat hij bij leven een populaire schrijver was en klassiekers op zijn naam heeft staan als The Stepford Wives, A Kiss Before Dying en The Boys From Brasil. Er is één werk dat – evenals het grootste deel van zijn oeuvre – zijn weg naar het witte doek vond en een ware revolutie teweeg wist te brengen in het horrorgenre: Rosemary’s Baby. Een occulte horrorroman over een vrouw die zwanger wordt en vervolgens ten prooi raakt aan een psychose. Of toch niet? Deze vraag zal in het midden worden gelaten, een andere echter niet: is dit werk na al die tijd nog steeds de moeite waard om te lezen? Rosemary en haar vriend, Guy, nemen intrek in een appartement. Een goede vriend van ze, Hutch, waarschuwt ze voor de woning. Er schijnen dingen te zijn gebeurd die niet al te pluis zijn, weten ze zeker dat ze uitgerekend daar willen wonen? De waarschuwing wordt weggewuifd (uiteraard) en Rosemary en Guy maken meteen kennis met de buren, een vriendelijk ouder echtpaar. Als Rosemary ook nog eens in verwachting raakt kan het geluk helemaal niet meer stuk, totdat de vriendelijkheid van de buren nogal opdringerig begint te worden. Rosemary wordt steeds meer paranoïde en komt terecht in een isolement. Het is een gegeven dat op de dag van vandaag nog steeds interessant is en dat alleen al zegt genoeg over Rosemary’s Baby: het dateert van 1967 (dit jaar zou het dus zijn 47e verjaardag vieren) en is daarmee bijna een halve eeuw oud. Toch zou je, afgaande op het verhaal zelf, niet zeggen dat Levin’s roman achterhaald is of ouderwets. Sterker nog, door te kiezen voor het perspectief van een vrouw die al dan niet psychotisch wordt, schreef Levin een roman die tot nadenken stemt en een balans creëert tussen een psychologisch drama enerzijds en occulte horror anderzijds. Geen boek waarin al te veel bloed vloeit, maar aandacht is voor het personage en de tijd neemt om haar de nodige diepgang te geven: niet iets wat nog vaak voorbijkomt in het genre. Aan de andere kant (nogmaals, ik ben nu eenmaal nooit fan van de man geweest) is er de wijze waarop Levin dit alles heeft uitgewerkt. Hij weet de sfeer mooi neer te zetten, maar de transformatie van een bezorgde Rosemary naar een volledig paranoïde Rosemary is wat mij betreft te kort door de bocht. Van het één op het andere moment raakt ze ervan overtuigd dat haar buren betrokken zijn bij hekserij en dat Guy hier vrolijk aan meedoet. Daarbij wordt het occulte dusdanig benadrukt dat het soms lastig is te zeggen of Rosemary dit allemaal daadwerkelijk heeft verzonnen, of dat ze niet echt het duivelskind heeft gebaard. Dit neemt alsnog niet weg dat met Rosemary’s Baby een flinke verandering teweegbracht in het horrorlandschap, een revolutie die vooral in de filmwereld zichtbaar werd (het verscheen twee jaar voor die andere revolutionaire horrorroman, The Exorcist van William Peter Blatty). En daarom al kan van Levin’s horrorroman worden gezegd dat deze de hype waard is.
Geschreven door Vincent op 2014-04-29 07:37:59.