Boekennieuws.

Nieuws, reportages en achtergronden uit de wereld van het boek

archief

Een nachtmerrie die plots werkelijkheid wordt

Het is de nachtmerrie van iedere ouder: ’s ochtends staat plotseling de politie op de stoep. Je zoon, je enige kind, is aangereden en bevindt zich in “kritieke toestand” op de operatietafel in het ziekenhuis. Deze verschrikkelijke scène overkomt schrijver A.F.Th. van der Heijden en zijn vrouw Mirjam Rotenstreich, die in allerijl per politieauto naar het ziekenhuis worden gereden. Terwijl Mirjam zich overgeeft aan intense huilbuien, worstelt de schrijver met de betekenis van de term “kritieke toestand”. Zou er alsnog hoop kunnen zijn? Helaas: na een slopende operatie sterft de jonge Tonio op eenentwintigjarige leeftijd. Kapot van verdriet besluit van der Heijden dat hij maar één ding kan doen: schrijven. Een monument creëren voor zijn te vroeg overleden zoon, opdat hij voor altijd zal blijven voortleven. Het resultaat is de epische roman Tonio. Van der Heijden begeeft zich hiermee op voor hem onbekend terrein. Hij heeft de naam dat hij zijn verhalen eerst overzichtelijk in schema’s noteert en dan uitwerkt; maar dit verhaal vergde een associatieve aanpak. Van der Heijden is gedwongen een beroep te doen op zijn geheugen en de ene herinnering roept weer een andere op. Met het risico dat dit verzandt in een rommelige, stream-of-consciousnessachtige vertelling. Dit gebeurt echter niet: van der Heijden klampt zich alsnog vast aan een strakke structuur. Wat overigens niet wegneemt dat Tonio is doorspekt van associatieve passages en de lezer meeneemt op een tocht door Van der Heijdens geheugenpaleis. Tonio begint vanaf het nachtmerriescenario en laat tussendoor flashbacks de revue passeren. Of dit nu gaat om een campingbezoek of het luisteren naar klassieke muziek, het kleinste detail lijkt bij de schrijver weer een andere gedachte op te roepen, waar hij al dan niet uitvoerig op ingaat. Op deze manier wordt een beeld geschetst van wie Tonio nu eigenlijk was en hoe hij zou kunnen worden. Had kunnen worden. Tegelijkertijd geeft van der Heijden een kijkje in zijn eigen leven: hoe hij Mirjam ontmoette, hun huwelijkscrisis, zijn schuldgevoel jegens zijn gezin omdat hij hen (naar eigen zeggen) in de steek zou laten en zijn worstelingen met de roman die Advocaat van de Hanen zou worden. Van der Heijden bezigt hierbij de stijl die we van hem kennen: gezwollen taalgebruik dat soms wel erg wollig aandoet, maar die over het algemeen toch prettig leest. Met liefde beschrijft hij hoe zijn zoon opgroeit en hij weet deze liefde over te brengen aan de lezer. Dankzij deze gedrevenheid komt Tonio tot leven, waardoor het idee dat hij dood is des te meer bevreemdt. Toch zijn er enkele hobbels te bespeuren. Zo is Tonio ruim zeshonderd pagina’s dik en je kunt je afvragen of het niet minder had gekund. Van der Heijden mag dan zo mooi schrijven, hij kan niet voorkomen dat zijn overdenkingen op den duur gaan vervelen en de lezer laat verlangen naar het hoofdverhaal. Daarbij sticht de roman door zijn associatieve kenmerken soms verwarring, omdat van der Heijden plotseling schakelt naar het verleden, om dan weer bruusk naar het heden terug te keren. Deze schoonheidsfoutjes nemen niet weg dat van der Heijden een prachtige, ontroerende roman heeft geschreven over zijn zoon. Zijn beste? Dat valt te betwisten. Een boek die het predicaat “moet je gelezen hebben” opgeplakt moet krijgen? Geen twijfel.
Geschreven door Vincent op 2013-04-03 21:06:48.