Boekennieuws.

Nieuws, reportages en achtergronden uit de wereld van het boek

archief

Prachtboek over Nederlandse strips

Liefhebbers van Nederlandse strips worden verwend. Niet alleen verscheen onlangs het prachtboek Strips! 200 jaar Nederlands beeldverhaal (uitgeverij Lecturis), maar ook is er tot 12 januari 2014 een gelijknamige tentoonstelling in Museum Meermanno / Huis van het boek in Den Haag. Voor Strips! leverden vier stripkenners de teksten. Willem van Helden neemt de eerste twee hoofstukken voor zijn rekening: de (voor)geschiedenis van 1813 tot 1945. Een lange periode, waarin pas na 1920 sprake was van een echte doorbraak van het genre. Vanaf toen maakten Bulletje en Boonestaak, Sjors, Tom Poes en Dick Bos één voor één hun opwachting. Strips kregen een vaste plek in het sterk groeiende aantal kranten en ook in de reclame werden zij steeds vaker toegepast. Bekend zijn Piggelmee (Van Nelle) en Flipje (De Betuwe). Rob van Eijck behandelt de bloeitijd van de Nederlandse strip, de periode 1945-1975. Eric de Noorman, Kapitein Rob, Kick Wilstra waren slechts enkelen van de nieuwe helden. Er kwamen steeds meer striptijdschriften (Sjors, Donald Duck, Arend, Pep, etc.) en ook de krantenstrip beleefde hoogtijdagen. De jaren zestig van de vorige eeuw lieten ook de strip niet ongemoeid: er kwamen steeds meer strips die niet meer voor de jongste lezers geschikt waren. Bladen als Hitweek, Aloha en Tante Leny presenteert speelden een belangrijke rol bij de opkomst van de undergroundstrip. Rond deze tijd kwam er ook serieuze aandacht voor het beeldverhaal, onder meer door het ontstaan van tijdschriften óver strips, zoals Stripschrift. Jos van Waterschoot spreekt voor de periode 1975-1990 van een grote cultuuromslag binnen de Nederlandse stripwereld. Aan het begin van de periode waren de striptijdschriften toonaangevend, aan het einde van de periode de stripalbums. In het laatste hoofdstuk bespreekt Joost Pollmann de periode 1990-2013. Daarin ontwikkelde de strip zich tot kunstvorm, met bijbehorende subsidies en media-aandacht. De stripbladen voor de jeugd verdwenen één voor één, maar het internet bood een heel nieuw podium. Dat leidde tot de ontwikkeling van de webcomic. Strips! is zeer rijk geïllustreerd. Het beeldmateriaal is voornamelijk afkomstig uit de vrijwel complete verzameling van Hans Matla, bekend van onder andere zijn stripwinkel Panda en de Stripkatalogus. De tentoonstelling in Museum Meermanno omvat slechts een deel van zijn enorme collectie. Het museum probeert die collectie te verwerven, om te voorkomen dat zij in de toekomst uiteenvalt. Hans Matla tekende ook voor de eindredactie van het boek. Alle hoofdstukken zijn voorzien van noten en, belangrijker nog, van biografieën van de Nederlandse stripkunstenaars. Voeg daarbij de zeer uitgebreide index en Strips! heeft alles wat nodig is voor een waardevol naslagwerk.  
Geschreven door Kees van Rixoort op 2013-11-12 12:32:28.