Boekennieuws.

Nieuws, reportages en achtergronden uit de wereld van het boek

archief

Voortleven in de herinnering

De titel van dit boek met daaronder de vermelding 'naar een waargebeurd verhaal' laat er geen enkele twijfel over bestaan: de afloop is duidelijk. Als je dan als schrijver toch een roman weet te schrijven die de lezer vanaf de eerste tot en met de laatste bladzijde boeit,  ja zelfs in zijn greep houdt, verdien je alle lof! De mooie, verzorgde uitgave met de ontroerende foto's maken het tot een prachtig geheel. Ondanks het buitengewoon droevige ongeluk is dit boek geen tranendal geworden. Dat komt omdat Winkels zich vooral focust op de levens en de gevoelens van enkele nabestaanden, die verlangend hebben uitgekeken naar de komst van hun geliefden. Voor dit gedeelte van de roman kon hij putten uit de herinneringen van familieleden en andere betrokkenen, waarover in het dankwoord van de auteur meer te lezen valt. Verder wijst Winkels erop dat de dialogen, gesprekken, gevoelens en gedachten van de personages voor zijn verantwoording zijn, wat eens te meer geldt voor alles wat gezegd, gedaan en gedacht is door de slachtoffers nadat het toestel Languedoc MB-161 zijn dramatische vlucht begon. Natuurlijk geeft de schrijver ruim aandacht aan het verdriet van de nabestaanden, maar dat doet hij op subtiele wijze: hij laat de hoogbejaarde moeder van de omgekomen stewardess ruim veertig jaar later het leed dat de nabestaanden gevoeld hebben, beschrijven. Dan zijn toch de scherpste kantjes ervan afgesleten. De roman begint met een proloog, waarin men zich verzameld heeft aan de voet van het gebergte Pasapán dat door de lokale bevolking De Dode Vrouw genoemd wordt. Hier is namelijk op de bewuste avond een knal gehoord en een vuurbal gezien. Door het slechte weer waardoor het radiocontact uitgevallen was en de inwoners van het gehucht aan de voet van de berg dus geen nieuws over een vermist vliegtuig kregen, kwam de zoekactie pas laat op gang, die nog eens bemoeilijkt werd omdat de berg met dichte mist omgeven werd.  Drie jongemannen die deze berg als geen ander kennen gaan als gids vooruit. Luciano Otero, een van hen, komt als eerste op de plek des onheils aan. Na de proloog volgen we de hoofdpersonages in elkaar afwisselende hoofdstukken. Er is de verhaallijn van de achttienjarige Maribel, geboren in Barcelona, die al vanaf haar negende ervan droomde stewardess te worden. Zij weet dit te verwezenlijken door als jong meisje in haar vrije tijd Engels en Frans te leren. Maribel is een lief en vrolijk meisje en door haar vriendelijke karakter ontpopt zij zich al snel als een uitstekende stewardess. Passagiers die vaker vliegen vinden het fijn als ze horen dat zij op hun vlucht meegaat. En wie voor het eerst vliegt, voelt zich al snel door haar gerustgesteld. Maribels meerderen zijn zo tevreden over haar dat zij al binnen een half jaar overgeplaatst is naar Madrid, wat een promotie betekent. We zien hoe Maribel haar werk doet op de dag van het ongeluk, 4 december 1958. De weersomstandigheden zijn buitengewoon slecht (harde windstoten, regen die overgaat in dikke sneeuwvlokken) en de piloot heeft net met de grootste moeite het toestel op de grond weten te krijgen op het vliegveld van Vigo, in de provincie Galicië. Daar in de wachtruimte zitten zestien wachtenden, onder wie twee zusjes van negen en tien jaar oud, Josefa en Esther. De opa van deze twee meisjes heeft hen tot aan de trap van het vliegtuig begeleid, hij is dus min of meer ooggetuige van wat zich in de wachtruimte op het vliegveld voor de vlucht zoal heeft afgespeeld: (De piloot Pepe Calvo, gezagvoerder, die op die dag inviel, wilde niet vertrekken met dit toestel, omdat toestellen van dit type van Aviaco niet bestand waren tegen de ijzige koude op grote hoogte en dus laag moesten vliegen, wat in de gegeven omstandigheden van zware, donkere regenwolken, het tijdstip van de dag en de bergen bij Madrid niet verantwoord was. Zoals de meeste piloten in die tijd was Calvo militair en had hij het bevel van hogerhand om te vliegen op te volgen!) Pepe Calvo hangt duidelijk zichtbaar een vel papier op in de wachtruimte van het vliegveld waarop hij heeft geschreven dat het elke passagier vrij staat van de vlucht af te zien wegens de slechte weersomstandigheden. De opa van de twee zusjes twijfelt. Het liefst ging hij weer naar huis met zijn kleindochters, maar tegelijkertijd weet hij hoe zijn zoon en schoondochter naar deze dag hebben toegeleefd. De ouders hebben hun twee dochters al vijf jaar niet gezien en de vlucht is met hard werken bij elkaar gespaard. Bovendien, hoe moet hij overleggen met zijn zoon en schoondochter die in Madrid wonen? Een andere verhaallijn beschrijft hoe Emilia Gesteira en Rafael Castillo op van de zenuwen verlangend uitzien naar hereniging met hun twee dochters Josefa en Esther. Op zoek naar werk in Madrid hebben zij uit bittere armoe twee dochters achtergelaten onder de hoede van hun opa en oma. Vrijwel op hetzelfde moment dat hun oma gestorven is en het hun opa moeilijk valt om alleen voor de meisjes te zorgen, krijgt Rafael een mooie postbodenflat aangeboden. Door deze grotere en betere woonruimte kunnen de ouders hun dochters eindelijk naar Madrid laten komen. Beide ouders verwijten het zichzelf enorm dat zij de meisjes achtergelaten hebben, terwijl Rafael het zichzelf ook nog eens verwijt dat hij dit zijn vrouw heeft aangedaan. Hij weigerde immers in zijn eentje zijn geluk te beproeven in de grote stad. Ana Bernal, de moeder van Maribel, woont nog steeds in Barcelona en is inmiddels al twintig jaar weduwe. Haar lunches en diners gebruikt zij in restaurant Soley, vlakbij haar appartement. Zij is zeer slecht ter been en wordt door de negentienjarige ober Miguel opgehaald en na de maaltijd weer teruggebracht naar haar appartement. Aan hem vertelt zij bij stukjes en beetjes het verhaal van Maribel, haar enige kind. Wanneer Mercedes, Ana's vaste begeleidster, verhinderd is, begeleidt Miguel haar naar het kerkhof. Daar, zeer onder de indruk van het grafmonument van Maribel, belooft hij Ana om het regelmatig te bezoeken en schoon te maken. Edwin Winkels hanteert een sobere en tegelijk vlotte stijl. Bij hem geen gebruik van woorden die dramatisch effect sorteren. Dat heeft dit verhaal ook niet nodig en dat heeft hij goed aangevoeld! Van een waargebeurde tragedie heeft hij een aangrijpende roman gemaakt, een liefdevolle herinnering aan hen die bij de ramp omkwamen. Niet wie schrijft, die blijft, maar zij over wie geschreven wordt, zullen voortleven in onze herinnering!
Geschreven door Angele van Baalen op 2015-02-19 13:12:08.