Boekennieuws.

Nieuws, reportages en achtergronden uit de wereld van het boek

column

Een – één – gedicht (1)

Door Grijsaard Henk

Een oud-collega annex oude vlam verblijdde mij een dezer dagen met een kattenbelletje dat zij bij het kuisen van haar archief had gered van het ronde dossier. Het mat 17,5 bij 10 centimeter, was in vieren gevouwen en droeg een koffie-verkeerd kleur, geen wonder, want het was minstens zestig jaar oud. Er was wel prima vulpeninkt gebruikt, het handschrift was nog uitstekend leesbaar. De tekst gold een gedicht van drie kwatrijnen. Geen titel, geen opdracht, geen plaatsaanduiding, geen datum, geen auteursnaam.
De dichter — dat was ik. Mijn vers was een hymne op bedoelde oude vlam. Ik herinnerde me alleen nog dat ik zoiets ooit had geschreven en zowaar stond me nog een zinsnede helder voor de geest. Verder is het bijzondere dat het ’t enige gedicht is dat ik ooit heb afgescheiden. Ik ben een geboren prozaïst. Aan poëzie heb ik me nooit meer gewaagd. Waarbij ik ervan uitga dat hier niet meetellen: sinterklaasrijmpjes en een namaakgebed dat ik nodig had voor mijn (door het grote publiek ten onrechte verwaarloosde, nog altijd voor € 15,00 , porto inbegrepen, verkrijgbare) prachtroman Terug naar Ochsenkoppel.
Hoe kijk ik na zo lange jaren zelf naar mijn opus unicum? Ik geloof dat ik niet opschep, wanneer ik vind dat het niet puur slecht is. Het kwalijke lijkt me dat het gans in wanklank is met het genre liefdesgedicht, niet met het hart doch met de hersens is geschreven. En misschien is dat ook de diepere reden waarom mijn verkering met de collega van destijds de weg van alle vlees is gegaan.
Dit maal bij uitzondering een vrij korte column. Aflevering 2 zal gaan over de uiteenlopende opvattingen van haar en van mij over het gedicht in het algemeen.
Tot besluit het poëem in kwestie.

Alleen jouw sleutel van kristal
past op mijn hart dat
zelden kloppen durfde zonder
pantser: staalglas, onverschilligheid.

Alleen jouw boezem van jasmijn
sneeuwt in mijn hart dat
zelden kloppen durfde zonder
pantser: steppe, oppervlakkigheid

Alleen jouw hand van witte zij
schrijft op mijn hart dat
zelden kloppen durfde zonder
pantser: draaikolk, zelfgenoegzaamheid.

(w v)

Geschreven door Grijsaard Henk op 30-04-2018.

Reacties op "Een – één – gedicht (1)"